Een gebeurtenis uit 1989, beschreven door Jenni Karlsson in een bijdrage aan de Interdoc-conferentie half mei 1990 in Epe. Zij woont in de Zuidafrikaanse stad Durban en is medewerkster van het Ecumenical Resource Center ter plaatse: "Durban in Zuid-Afrika heeft een voornamelijk Engels sprekende blanke bevolking die trots is op haar liberalisme, op hoe `vriendelijk' we zijn tegen de zwarte burgers van onze stad. Zwarten kunnen in bussen rijden die vroeger voor blanken waren, ze kunnen de openbare bibliotheek bezoeken, enzovoorts, enzovoorts. Op een gegeven moment zou onze burgemeester naar een bijeenkomst in Frankrijk gaan van burgemeesters van belangrijke steden uit de hele wereld. Activisten in onze stad wilden zijn deelname verhinderen en hem laten buitensluiten omdat apartheid nog steeds in ruime mate bestond in onze stad. De stranden bijvoorbeeld waren nog niet voor iedereen toegankelijk. De activisten vroegen om telefoon- en faxnummers van anti-apartheidsgroepen in Europa, enzovoorts. Door e-mailcontacten kon het Resource Center aan deze informatie komen, de solidariteitsgroepen werden gemobiliseerd en de burgemeester werd buitengesloten van de bijeenkomst in Frankrijk. Deze openbare vernedering maakte dat in no time al die kleine apartheidrestricties in de stad werden afgeschaft. De stranden zijn nu open en iedereen kan komen zwemmen!"
Jenni Karlsson is een van de belangrijke stimulatoren van datacommunicatie door progressieve groepen in Zuid-Afrika geweest. Ze gebruikte dit voorbeeld in haar conferentiebijdrage om te benadrukken dat een computernetwerk (in dit geval het Zuidafrikaanse Worknet) meer moest zijn dan alleen het alternatieve communicatiemedium tussen vrienden en kameraden onderling waarvoor veel netwerkgebruikers het aanzagen. Het komt volgens haar aan op het naar buiten brengen van informatie, op het netwerken. Want niemand kan voorspellen welk stukje informatie uiteindelijk doorslaggevend is.